Wetenschappers hebben een belangrijk nieuw begrip ontwikkeld over de rol van een eiwit genaamd SIRT1 en de stof NAD+ in het ouder worden van onze lichaamscellen. SIRT1 helpt bij het bestrijden van schadelijke stoffen die ontstaan tijdens normale celprocessen, maar die bij het ouder worden kunnen ophopen en schade veroorzaken. Dit kan leiden tot problemen in cellen die bijdragen aan leeftijdsgebonden aandoeningen.
Het blijkt dat de mate waarin SIRT1 daadwerkelijk werkzaam is, niet alleen afhangt van de hoeveelheid eiwit of NAD+ in de cel. Er is sprake van een zogenaamde ‘functionele reserve’ van SIRT1, wat betekent hoe goed het eiwit kan reageren op stress en schadelijke stoffen. Deze reserve verschilt per celfunctie en kan afnemen bij veroudering, ook al lijkt de hoeveelheid SIRT1 nog voldoende.
Daarnaast is vastgesteld dat het simpel verhogen van SIRT1 of NAD+ in het lichaam niet altijd het gewenste effect heeft. Dit komt doordat SIRT1 op verschillende manieren kan veranderen en verschillende vormen kent, die niet altijd even effectief zijn. Bovendien werken SIRT1 en NAD+ binnen een complex netwerk in de cel, waardoor andere factoren ook belangrijk zijn voor het behoud van celgezondheid.
Deze inzichten zijn belangrijk voor de ontwikkeling van nieuwe behandelingen tegen het verouderingsproces en de daarmee samenhangende ziektes. Het leren meten en begrijpen van de functionele reserve van SIRT1 kan in de toekomst helpen om betere therapieën te ontdekken die echt bijdragen aan gezond ouder worden.
Bron: Josh Conway






